Waarom brengt mindfulness de gemoederen in de boeddhistische wereld zo in beweging?

Onder de titel ‘Eigenlijk is mindfulness hartstikke religieus’ heeft Koert van der Velde op 14 december 2015 een artikel gepubliceerd in het dagblad Trouw.

En nu moet de auteur het ontgelden. Zenleraar Edel Maex herkent zich niet in zijn “karikaturale beeld van het boeddhisme” en hekelt de “duistere bril” waarmee deze naar het fenomeen religie kijkt (20 december 2015).

Ook Hans Gijsen, voorzitter van de Stichting Inzichtsmeditatie, toont zich gebeten. “Wat betreft de relatie tussen mindfulness en boeddhisme beweert Koert de grootst mogelijke onzin,” schrijft Gijsen (21 december 2015). Om zich vervolgens te buiten te gaan aan beweringen dat deze dingen zou zeggen in zijn artikel die ik in Trouw helemaal niet terugvind.

Dus waarom brengt mindfulness de gemoederen in de boeddhistische wereld zo in beweging?

Laten we beginnen met het artikel van Koert van der Velde in Trouw. Wat is daar nu precies mis mee? Niet zo heel veel, als je het mij vraagt.

Want laten we wel wezen, mindfulness is toch afkomstig uit de religieuze context van hindoeïsme en boeddhisme, en heeft zich daaruit in ons deel van de wereld losgezongen?

Sterker nog: “Je kunt de openheid van aandacht zoals die in mindfulness gecultiveerd wordt, definiëren als juist de essentie van alle religie,” schrijft Edel Maex hetzelfde stuk in het Boeddhistisch Dagblad waarin hij afstand neemt van het artikel van Koert van der Velde. Dus hoe religieus wil je mindfulness eigenlijk hebben?

Hans Gijsen neemt Koert van der Velde, voor zover ik zijn intentie kan reconstrueren, kwalijk dat hij ertoe aanleiding geeft dat mindfulness in een verkeerd daglicht wordt gesteld. Hij schrijft dat Koert “zo fel tekeer gaat tegen mindfulness.” Waar dan precies in zijn artikel, Hans?

Mindfulness, met wortels in oosterse religie, wordt in ons deel van de wereld herverpakt als een seculiere techniek en aangeprezen om zijn bewezen gezondheidseffecten. Sommige mensen proberen de religieuze oorsprong van mindfulness te verdoezelen om de acceptatie ervan bij het grote publiek of binnen de medische wetenschap niet in gevaar te brengen. Zo zou ik in twee zinnen samenvatten wat Koert van der Velde in Trouw schrijft.

En mag hij dat? Mindfulness wordt toch herverpakt als een seculiere techniek? En voor zijn bewering dat sommigen de oorsprong ervan verdoezelen, citeert Koert van der Velde als bewijs niemand minder dan Jon Kabat-Zinn, de aartsvader van de Mindfulness Based Stress Reduction.

Nee, om te begrijpen waarom de boeddhistische wereld aanstoot neemt aan het artikel in Trouw, moet je een expert zijn in close reading. De artikelen van Edel Maex en Hans Gijsen behoeven een zekere ondertiteling, die ik hier naar beste weten en kunnen zal proberen te geven.

De gedachte van Edel Maex dat openheid van aandacht zoals die in mindfulness gecultiveerd wordt, wel eens de “essentie van alle religie” zou kunnen zijn, behoort tot de kern van de religieuze vernieuwing die sommigen in de boeddhistische wereld propageren. Mindfulness en zen zijn niet alleen boeddhistisch, neen, het zijn ook vormen van ervaring die christenen en ongelovigen tot in het diepste van hun hart weten te raken en hen wellicht, wellicht weten te brengen tot een herbezinning op wat religie werkelijk is. Als Koert van der Velde mindfulness in verband brengt met wereldverzaking, karma en andere noties uit de boeddhistische geschiedenis, dan brengt hij inderdaad de acceptatie ervan bij een groter publiek in gevaar. Dat is punt één.

Is mindfulness ook het onderwerp van marketing? Wel wis en waarachtig. Mindfulness (en ook zen overigens) wordt op grote schaal vermarkt. Misschien dat de mensen die het vermarkten, daar goede bedoelingen mee hebben, bijvoorbeeld omdat ze hebben ontdekt dat mindfulness bijdraagt aan stressreductie, zoals de eerder genoemde Kabat-Zinn.

Maar dit gat in de markt is ook aangeboord door mensen die ik ervan verdenk dat ze uit commerciële motieven andere mensen de gebakken lucht van spiritueel materialisme verkopen. Sterker nog: Edel Maex, die in het dagelijks leven psychiater is, heeft in het verleden op de Belgische televisie gewaarschuwd tegen aanbieders die argeloze spirituele zoekers van de geestelijke regen in de drup brengen.

Je kunt, zoals Hans Gijsen doet, Koert van der Velde in rede niet kwalijk nemen dat iemand anders, in Vrij Nederland (10 december 2015), concludeert dat er een “hier-en-nu mafia” bestaat. Zo’n kwalificatie heeft niets te maken met georganiseerde criminaliteit, maar eerder met georganiseerde marketing. Er zijn meer auteurs van mindfulnessboeken dan Edel Maex, iemand bij wie ik gelukkig weet dat mensen in veilige, bevoegde handen zijn. Véél meer. Hieronder vind je ook de mensen die mindfulness graag verslijten als een volkomen seculiere bezigheid om een graantje mee te pikken van de hype.

Boeddhisme heeft op het punt van marketing geen zuiver geweten. Wie bindt de kat de bel aan en vangt aan de tempel te reinigen? Het dagblad Trouw misschien? Waar ooit de dominees bromden over de inhoud van de krant, staan nu boeddhisten op hun achterste benen. Kan Koert van der Velde daar echter veel aan doen? Zijn artikel is eerder als de spreekwoordelijke pleister die van een open wonde wordt getrokken. Als je maar in de buurt komt van de ontstekingshaard, dan worden er al zenuwen geraakt. Maar dat er pijn is, dat kun je niet wijten aan de inhoud van het artikel in Trouw. Dat is punt twee.

En waarom zouden boeddhisten eigenlijk zich niet ook wat ruimdenkender kunnen tonen en blij kunnen zijn om wat Koert van der Velde schrijft? Of je nu behoort tot een traditionele school, of een religieuze vernieuwer bent (beide tegelijk is ook mogelijk), mindfulness gedijt volgens mij het beste in een context van wat ik, om een term van een andere auteur te lenen, hier maar even ‘diepe geestelijke herprogrammering’ noem.

Deze term is afkomstig uit een interview van David McMahan, schrijver van een lezenswaardig boek over boeddhisme en modernisering, met het Amerikaanse boeddhistentijdschrift Tricycle in 2013. In dit interview waarschuwt hij ervoor dat mindfulness die wordt losgemaakt uit zijn oorsprong, te makkelijk waarden uit zijn nieuwe gastomgeving kan opzuigen. In de verkeerde handen kan mindfulness, zonder een expliciet boeddhistische context, in onze cultuur bijvoorbeeld de diepere oorzaak van spanning, zoals een vals gevoel van eigenwaarde, versterken. Ik heb hier eerder over geschreven in een artikel dat doorlinkt naar het vraaggesprek met McMahan.

Boeddhisme, merkt deze in het interview terecht op, plaatst mindfulness in een context van het diep herprogrammeren van de geest. Inzichtsontwikkeling ontstaat niet spontaan wanneer de geest zich heeft ontledigd. Hij wijst erop dat ook sommige boeddhisten te makkelijk alleen het kalmeren van de geest uit de Satipatthana sutra isoleren, kennelijk zonder zich te realiseren dat dat in die sutra juist alleen maar het begin van het verhaal is. Daarna komen nog de nodige geestelijke oefeningen die mede een beroep doen op de conceptuele vermogens van de beoefenaar.

Tot de elementen van de boeddhistische context die McMahan opsomt als onderdeel van de mix waarin mindfulness eerst ten volle tot zijn recht komt, behoren ook leegte, voorwaardelijk ontstaan, dharma, het bodhisattvapad, skandha’s, het achtvoudig pad en de vier edele waarheden van de Boeddha. Boeddhisme gaat ervan uit, zegt hij, dat inzichtsontwikkeling niet vanzelf komt, maar doordat zulke bouwstenen de tijd krijgen om in te dalen en te rijpen.

Of je boeddhisme religieus noemt, is een kwestie van definitie. Persoonlijk heb ik daar niet zoveel moeite mee, zo lang je er geen deuren mee sluit. Boeddhisme wordt toch alom gerekend tot de grote wereldreligies? In ons deel van de wereld vind je mensen die bij het woord religie puisten krijgen, omdat dan de erfenis van een christelijke opvoeding wordt opgewekt. Zulke mensen noemen boeddhisme dan liever een vorm van spiritualiteit, een wetenschap, humanisme of onderwijssysteem. Mij om het even. Het gaat mij er niet om hoe men de olifant noemt, maar dat erkend wordt dat je een groter organisme nodig hebt wil je mindfulness kunnen plaatsen waar het eigenlijk thuishoort.

Ondertussen heb ik niets tegen een beperkte, therapeutische werking van mindfulness wanneer dit overspannen leidinggevenden van hun stress afhelpt of mariniers vreedzamer maakt bij hun conflicthantering in verre landen. Ik hoop alleen altijd dat zulke mensen via het opstapje van seculiere mindfulness ooit in hun leven de doorsteek weten te maken naar religieuze mindfulness. Want alleen dat zal ze in staat stellen de eigenlijke oorzaken van hun lijden aan te pakken.

Waartegen ik evenmin iets heb, is het artikel van Koert van der Velde in Trouw. Je kunt argumenteren over de bewoordingen waarin hij zich uitdrukt, maar niet over de strekking van zijn betoog. Hij zegt waar het op staat: eigenlijk is mindfulness hartstikke religieus. Het enige waar ik van opkijk, is van de reacties hierop die loskomen uit de boeddhistische gemeenschap.